Ontslag op staande voet

29-04-2016

Een werknemer bestreed bij de kantonrechter het hem gegeven ontslag op staande voet. De werknemer was op staande voet ontslagen omdat hij op vrijdag zonder opgave van reden niet op het werk was verschenen. Op maandag meldde de werknemer zich ziek. In plaats van zich telefonisch ziek te melden bij de directie, stuurde hij een tekstbericht naar zijn leidingggevende. Na de ziekmelding was hij niet bereikbaar voor de werkgever, volgens de werknemer omdat zijn telefoon kapot zou zijn. Naar het oordeel van de kantonrechter leverde dit een dringende reden voor ontslag op staande voet op. De werknemer heeft zich, door enkele dagen onbereikbaar te zijn voor zijn werkgever, in de positie gebracht dat de werkgever daaruit kon afleiden dat de werknemer ongeoorloofd afwezig was. Het ontslag op staande voet was volgens de kantonrechter gerechtvaardigd.

 

Een arbeidsovereenkomst wordt normaal gesproken beëindigd met inachtneming van een opzegtermijn. Onder omstandigheden kan een werkgever de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang beëindigen door een werknemer op staande voet te ontslaan. Ontslag op staande voet vereist een dringende reden. De werkgever moet de opzegging van de arbeidsovereenkomst direct meedelen aan de werknemer onder opgave van de dringende reden.

 

Op grond van de wet hoeft de werkgever geen transitievergoeding te betalen wanneer de arbeidsovereenkomst is geëindigd wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer. Een dringende reden voor ontslag houdt niet automatisch ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer in. De kantonrechter vond in dit geval dat de feiten en omstandigheden die de dringende reden vormden wel ernstige verwijtbaarheid opleverden. De werkgever hoefde daarom geen transitievergoeding te betalen.